Dijk 24-26, 5521 AX Eersel

Monument naam:
Plaats monument: Eersel
Bescherming: Gemeentelijk monument
Monumentnummer: 4.31.1.060
Monument categorie: Gebouwen, woonhuizen
Oorspronkelijke functie: Woonhuis, timmermanswerkplaats
Huidige functie: Woonhuis
Complex:
Complextype:
Datering:
Situering: Binnen de bebouwde kom
Inschrijving register: 10 september 2002
XY coordinaat: 149803 / 374257
Kadastrale gemeente: Eersel
Sectie perceel:
Oorspronkelijk bouwjaar: 1921
Grondgebruik:
Afmeting terrein:
Bronnen: [“J. Spoorenberg e.a., Drie Zaligheden, Eersel, Duizel, Steensel, Hapert 1989″,”Chr. Thijssen, Kleine historische gids van Eersel en zijn monumenten, Eersel 1996”]
Content: Historie en ligging:

Eenvoudige dorpswoning met voormalige timmermanswerkplaats (thans gedeeltelijk bij het woonhuis getrokken), in of kort na 1921 gebouwd voor J. Kwinten. Ongeveer tien jaar later is het interieur gemoderniseerd: tuindeuren in de achterkamer, diverse afgetimmerde paneeldeuren, deurkozijnen met afgeronde hoeken, vernieuwde voordeur, een keukenvloer van terrazzo. De vloer van hardgebakken tegels met sterpatronen uit de gang is verplaatst naar het achterhuis. Omstreeks 1970 is er een verdieping op het achterhuis gezet. Het achterhuis komt evenals de overige bijgebouwen niet voor bescherming in aanmerking.

Het woonhuis vertoont grote gelijkenis met de panden Dijk 30 en Gebr. Hoeksstraat 45.

Het vrijstaande pand bevindt zich op een breed rechthoekig perceel in de kern van Eersel, en is gesitueerd in de rooilijn aan de noordzijde van de straat Dijk. Zowel het woonhuis als de werkplaats heeft de ingang aan de straatzijde. In de voortuin, die wordt omheind door hagen, staat een oude slangen-den (Araucaria araucana).

 

Plattegrond en opbouw:

Het pand bestaat uit een driebeukig woonhuis van één bouwlaag en zolderverdieping op rechthoekig grondplan (met aan de achterzijde een niet beschermd achterhuis) en een flankerende timmermanswerkplaats van één bouwlaag en zolder aan de linker zijde.

De voorgevel is in kruisverband gemetseld. De overige gevels zijn in halfsteensverband opgetrokken. Het trasraam wordt afgesloten door een rollaag. Onder de dakrand is een bloktandlijst aangebracht. Het merendeel van de uitgespaarde muuropeningen worden afgesloten door blinde segmentbogen. De boogvelden zijn gevuld met metselmozaïek. De vensters hebben aan de onderzijde bakstenen lekdorpels (aan de voorzijde bruin geglazuurd). De ramen bestonden oorspronkelijk uit schuivende onderramen en drieruits bovenlichten met groen glas (thans transparant glas-in-lood).

Het woonhuis heeft een wolfdak met de nok evenwijdig aan de straat. In beide wolfeinden is een schoorsteen met dekplaat geplaatst. In het dakschild aan de straatzijde bevindt zich boven de ingang een houten dakkapel (stolpraam, beschoten topgevel, pannen zadeldak). Het zadeldak van de werkplaats heeft de nok loodrecht op de straat. Beide daken zijn belegd met gesmoorde tuiles du Nord en wateren af via houten bakgoten. Tussen de werkplaats en het woonhuis bevindt zich een éénlaags tussenlid van één travee met plat dak.

 

Voorgevel:

De symmetrisch ingedeelde voorgevel van het woonhuis heeft in het midden een ondiep ingangsportiek waarin een houten deur met kijkraampje uit de jaren dertig, een kunststenen lekdorpel en een bovenlicht. Aan weerszijden van de ingang bevindt zich een rechthoekige vensteropening waarin een enkelruits schuifraam en bovenlicht met luiken van kraaldelen en smeedijzeren beslag. Ter hoogte van de verdiepingsvloer bevinden zich vier smeedijzeren sierankers. Voor de voorgevel is een stoepje van gebakken tegels aangelegd (wit en grijs gemêleerd).

De asymmetrisch ingedeelde voorgevel van de werkplaats bezit ter plaatse van het tussenlid een brede muuropening waarin oorspronkelijk een dubbele deur en thans een driedelig kozijn met luiken (dit gedeelte is bij de woonkamer getrokken). Het topgevel-gedeelte heeft in de eerste bouwlaag een dubbele deur waarin twee zesruits ramen, en twee rechthoekige twaalfruits ramen. Ter hoogte van de verdiepingsvloer bevinden zich vier smeedijzeren sierankers. In de zolderverdieping wordt een hoog laadluik aan beide zijden geflankeerd door een rechthoekig venster met zesruits draairaam. De topgevel wordt bekroond door een kleine tuit.

 

Linker zijgevel:

De linker zijgevel van het woonhuis bezit in de zolderverdieping (boven het platte dak van het tussenlid) twee rechthoekige vensters met enkelruits beneden- en bovenramen. De linker zijgevel van de werkplaats heeft van links naar rechts een ingang met vernieuwde invulling en drie getoogde negenruits ramen. De muuropeningen worden afgesloten door getoogde dubbele kopse rollagen.

 

Rechter zijgevel:

Deze gevel heeft in de eerste bouwlaag een halfvenster met luik en een rechthoekig venster met luiken (thans klapraam bovenin). De zolderverdieping bezit twee rechthoekige vensters waarin stolpramen, enkelruits bovenlichten en elk een luik.

 

Achtergevel:

De achtergevel van het woonhuis bezit naast het achterhuis een dubbele tuindeur met bovenlicht en op de verdieping een tweedelig kozijn met enkelruits ramen; beide afgesloten door een rollaag. Ter plaatse van het tussenlid (voormalig onderdeel van de werkplaats) zijn twee kleine en een groot venster ingehakt. De achtergevel van de werkplaats bezit geheel rechts een dubbele deur onder bovenlicht. In het midden is een geringe uitbouw met plat dak gerealiseerd waarin een houten deur van kraaldelen in visgraat-motief. Boven deze uitbouw bevindt zich een breed en hoog tweedelig laadluik. De topgevel wordt bekroond door een kleine tuit.

 

Interieur:

De ruimtelijke indeling van het woonhuis bestaat uit een grote woonkamer in de linker beuk (doorgebroken naar de voormalige werkplaats, oorspronkelijk kamers-en-suite); een gang met trappenhuis in de smalle middelste beuk; een kantoortje en een slaapkamer (oorspronkelijk met kastenwand en kelder eronder) in de rechter beuk; een keuken met bijkeuken (ooit in gebruik geweest als schoenmakerij) en berging met stalruimte in het achterhuis.

Het interieur bezit een aantal oorspronkelijke elementen, zoals een bordestrap met bewerkte houten trappaal en diverse paneeldeuren. Circa tien jaar na de oplevering is het interieur gemoderniseerd (zie historie en ligging).

Dijk 24-26
Foto Winfried Thijssen (2003)

Waardering: Het object heeft architectuurhistorische waarde

–       als goed en vrijwel gaaf voorbeeld in exterieur (met uitzondering van het achterhuis) van een eenvoudige dorpswoning met flankerende werkplaats uit ca. 1921, die gekenmerkt wordt door een traditionele vormgeving en spaarzame metselwerk-accenten;

–       vanwege enkele karakteristieke elementen in het interieur, dat overigens is gemoderniseerd.

Het object heeft stedebouwkundige waarde

–       als onderdeel van de historisch gegroeide dorpskern, waarin het vanwege zijn ligging een fase markeert in de uitbreiding van de bebouwde kom van Eersel, en waarin het pand bovendien van belang is voor het aanzien ervan vanwege de verschijningsvorm.

Het object heeft cultuurhistorische waarde

vanwege de voor de bouwtijd karakteristieke maar thans zeldzaam geworden aan huis gebonden nijverheid, zoals die duidelijk herkenbaar tot uitdrukking komt in de verschijningsvorm van het pand: woonhuis met aangebouwde voormalige timmermanswerkplaats.

  • Twitter
  • Facebook
  • LinkedIn
  • email
  • PDF
  • Print