Archief portal



Historie Eersel Markt



Vindplaats informatie    |    Media    |    Aantekeningen    |    Alles

  • Naam Historie Eersel Markt 
    Vindplaats-ID REPO5 

  • Foto's
    Eersel Markt 1
    Eersel Markt 1
    Zuid gevel van Kapel voor restauratie in 1919.
    Gebouwd door Henricus van Eijck in 1464.
    Voor meer informatie zie ons album Eersel Kapel / Raadhuis
  •  Aantekeningen 
    • HISTORIE MARKT
      Overgenomen uit: Duizel Eersel Steensel Volksleven en Verleden deel I
      Onderstaande tekst is opgesteld door H. Strijbos in 1976.
      DE BEBOUWING VAN DE EERSELSE MARKT.

      De bebouwing van de eeuwenoude Eerselse markt laat heel wat bouwstijlen zien, die in de loop van de eeuwen zijn toegepast. Dat neemt niet weg dat er geen enkel gebouw meer over is uit de tijd. Dat is begrijpelijk als we ons realiseren dat de Markt stamt uit de 14e eeuw. In de loop van de eeuwen is wat versleten was door nieuw vervangen, tussen Postakkers en Dijk is na de tweede wereldoorlog nieuwbouw ontstaan waar voordien niets stond en hier en daar zijn panden afgebroken voor doorbraken, zoals toen de Nieuwstraat ontstond en toen de Postakkers naar de Markt werd doorgetrokken.
      Bovendien zijn veel panden verbouwd, zodat de voorgevel vaak veel minder oud is dan wat daarachter te vinden is.
      Het oudste gebouw is de kapel, die van 1464 dateert. De kapel is dan ook opgetrokken in gotische stijl, de stijl die in die tijd in geheel West-Europa werd toegepast. Daarna heeft iedere tijd in zijn eigen stijl gebouwen toegevoegd en voorzover die gebouwen passen in het geheel, levert juist die afwisseling van bouwstijlen zo’n plezierig beeld op.
      De Markt is in de Middeleeuwen aangelegd ten dienste van ’t handelsverkeer, als ’n zogenaamd baandorp. Daar lagen veel minder boerenbedrijven en zo die er al waren, zullen ze vaak een nevenfunctie hebben gehad ten behoeve van het handelsverkeer.
      Dat handelsverkeer had op de eerste plaats behoefte aan een ruim plein, dat dienen kon als markt en als parkeerruimte voor de karren. De gebouwen op de Markt bevatten cafeetjes, herbergen en logementen, maar ook winkels, en de hoefsmid en de brouwer oefenden er hun bedrijf uit.
      Het ontstaan van de kapel kan best zijn oorzaak hebben gevonden in de behoefte van de reizigers. De kerk, aan de Kerkstraat, lag immers ver weg, buiten het dorp. In die tijd diende de kerk namelijk niet alleen voor Eersel, maar ook voor de dorpen Schadewijk en Stokkelen en voor de buurtschappen Hoogstraat en de Boevenheuvel.
      De bedrijven aan de Markt hadden er behoefte aan zoveel mogelijk contact te hebben met het marktplein. Een erf had weinig betekenis voor de herberg en was dan ook klein en van de weg gekeerd. Daarom lagen de gebouwen met de lange gevel naar de weg, zoals dat ook nu nog, op een enkele uitzondering na, het geval is.
      Voor een marktplein met een dergelijke functie waren niet alleen herbergen nodig waar mensen konden overnachten, maar ook stallen waar de paarden konden worden verzorgd en de nacht doorbrengen. Daarvan moeten er heel wat geweest zijn met zelfs ruimte voor 70 paarden. Tegelijk met de paarden in het wegverkeer zijn ook de meeste van die stallen verdwenen. Maar dat is alleen maar een reden om zuinig te zijn op de stallen die er nog over zijn.
      We zullen enkele typen van de oude gebouwen nader beschrijven. Ze vertegenwoordigen even zovele stijlperioden, al klinken de namen gothiek, barok en empire wel wat wijds voor de zwakke invloed die de stijlperioden hebben gehad op het bouwen in een eenvoudig kempendorp.
      Een zeer bescheiden, maar door zijn ouderdom belangrijk type huis dat vroeger op de Markt veel meer voorkwam, wordt vertegenwoordigd door de panden 30, 30A en 32 en door 39 en 41. Ze zijn laag, hebben een pannen dak en geen dakgoot. Onder de dakvoet is een typisch oude baksteen versiering aangebracht, de z.g. muizentand, waarmee de gevel wat naar voren werd uitgemetseld en waarop de onderste rij pannen rustte.
      De panden 30, 30A en 32 zijn beschermde monumenten, en 30A en 32 gerestaureerd. Zij hebben een kleine ruitverdeling en schuiframen. Dat raamtype is de opvolger van het kruiskozijn. Het raam met de kleine ruitverdeling werd in de baroktijd algemeen toegepast, tot in de rococo-periode, dat wil zeggen tot het einde van de 18e eeuw. De kozijnen, ramen en raamluiken laten de kleuren zien die bij dat raamtype horen, nl. wit voor de ramen, gele oker voor de kozijnen en donker groen voor de luiken en de deuren. De muren waren van schoon metselwerk en niet wit, zoals bij diverse panden op de Markt nu voorkomt. Het voormalige brouwershuis, dat heeft gestaan op de plaats waar het oude raadhuis stond, was ook van dit type.
      Een ander type huis, dat rijker van opzet is, ( de rijk geworden teuten hebben vaak dergelijke huizen voor zichzelf laten bouwen ) ontstaat vanaf het einde van de 18e eeuw tot in de 19e eeuw.
      Daartoe zijn te rekenen de Herberg (nr 33), de Acht Zaligheden (nr 3 ), en de panden Markt 6 en 8 en vooral niet te vergeten de bijzondere mooie panden Markt 18 en 49. Tussen deze en het vorige type is het eveneens zeer mooie huis Markt 17 te noemen. Deze huizen hebben houten goten , die zijn uitgewerkt als een sierlijke kroonlijst , met daaronder een z. g. fries, een gepleisterde band die naar onder weer is afgezet met een profiellijst.
      Het raamtype dat voor deze huizen kenmerkend is, is de z. g Empire - zeslichter (Empire genoemd naar het keizerrijk van Napoleon). Overigens is dat raamtype en ook de kroonlijst met het fries vaak later bij oudere huizen aangebracht, zoals bij het huis Markt 49.
      Ook zo’n Empire – zeslichter bestond uit een naar boven schuivend onderraam met een vast bovenlicht. Voor het overige was ’t gehele raam, met een wat zwaardere stijl in het midden, in zes vakken verdeeld. Die ruiten waren dan ook aanmerkelijk groter dan de oude ruitjes die bij het eerste type voorkwamen. Men had intussen nl. de techniek om ruiten te maken verbeterd en kon zodoende grotere ruiten maken.
      Bij deze kozijnen is de okerkleur vervangen door een oker dat vermengd was met veel meer wit, zodat een soort zandkleurig gebroken wit ontstond. De donkergroene luiken en deuren, en de witte ramen bleven.
      Het huis op de splitsing Postelseweg en Dijk behoort tot hetzelfde type, al is dat niet meer zo goed te zien, doordat de voorgevel is verborgen achter een bemetseling van gele stenen. Opvallend is dat alle daken van de hiervoor genoemde huizen dezelfde dakhelling hebben, namelijk 45 graden met het horizontale vlak, of soms iets meer en dat ze geen verdieping hebben.
      Het sterk verbouwde pand Markt 14 – 16 vormt op de regel van verdiepingshoogte en dakhelling een uitzondering. Maar duidelijk is te zien dat door het verhogen van de gevel met een halve verdieping het dak vlakker is komen te liggen.
      In de 19e eeuw zijn een paar voorname huizen gebouwd die, in tegenstelling tot de hiervoor benoemde, een verdieping hadden. Het zijn de panden van het Streekorgaan Kempenland ( nr. 21) en het z.g. Pankenhuis ( nr. 15). Deze huizen hebben een met pleisterwerk versierde gevel, zoals dat in die tijd gebruikelijk was. De huizen vallen in het geheel van de marktwand duidelijk op, maar ze hadden dan ook een bijzondere bestemming.
      Ze hebben een statige symmetrische indeling, de voordeur in het midden en aan beide zijden twee ramen. Rechts naast het Pankenhuis komt een mooie poort voor, waarvan er eertijds meer in de marktwand voorkwamen.
      Nog twee beschermde monumenten uit de 19e eeuw verdienen hiernaast bijzondere aandacht. Het zijn de Nederlands Hervormde Kerk op de hoek van de Postakkers en de hardstenen dorpspomp, tussen kiosk en Kapel.
      De Nederlands Hervormde Kerk is een waterstaatskerk d.w.z. een kerk die met rijkssubsidie is gebouwd en onder directie van de Rijkswaterstaat. Sedert de reformatie had nl. de Sint Willibrorduskerk gediend als kerk voor de Hervormden. In het begin van de 19e eeuw kwam die weer aan de Rooms-Katholieke eredienst.
      Tenslotte dient een type huis te worden genoemd dat dateert uit het begin van de 20ste eeuw. Voorbeeld daarvan is nummer 47 op de Markt. Het valt niet op doordat het qua materiaal, kleur, dakhelling en schaal volledig pastin het totaalbeeld. Een aantal oudere panden is in die trant verbouwd en hoewel herstel in de oorspronkelijke stijl een verbetering zou kunnen betekenen, zijn ze niet onherstelbaar bedorven.
      De bomen op de Markt zijn voor de hele ruimte van het plein zo belangrijk, dat we menen ze te moeten noemen. Het zijn lindebomen die als laanbeplanting langs de rijweg zijn geplaatst en waar de rijweg te ver van de huizen is gelegen, aan de westzijde, is ’n extra rij langs de gevelwand geplaatst. Ze zijn geplant in rijen met ’n zeer korte onderlinge afstand , ongeveer 3 a 4 meter. Dat is de manier waarop men in die tijd een beschuttende beplanting bij huizen en langs de rijweg plaatste.
      Voor elk huis lag een eigen stoep, die op de meeste plaatsen, zij het vaak vernieuwd, nog aanwezig is. Het plein zelf was niet bestraat.
      Op de Markt horen ook nog de diepe achtertuinen, waaromheen hagen van beuk of meidoorn, en beplant met boomgaarden van hoogstam-fruitbomen. Als men de Velden ingaat of tussen het Areven en de Nieuwstraat een kijkje gaat nemen, kan men zien hoe groen zelfs nu die achterzijde nog is in een wat vervallen staat. Die achtertuinen behoren als eigen erven bij het totale complex van de Markt en hebben als vanouds, ook nu nog de betekenis van een stiltegebied tegenover de bedrijvige en springlevende Markt.
      De liefde die ook de tegenwoordige bewoners van Eersel voor hun Markt koesteren, zal er ongetwijfeld toe leiden dat het tot in lengte van jaren op maar ook rondom de Markt goed toeven zal zijn.