Nieuwstraat 44, 5521 CD

Monument naam:
Plaats monument: Eersel
Bescherming: Gemeentelijk monument
Monumentnummer: 4.31.1.069
Monument categorie: Gebouwen, woonhuizen
Oorspronkelijke functie: Woonhuis
Huidige functie: Notariskantoor
Complex:
Complextype:
Datering:
Situering: Binnen de bebouwde kom
Inschrijving register: 10 september 2002
XY coordinaat: 149823 / 374691
Kadastrale gemeente: Eersel
Sectie perceel: F/1414
Oorspronkelijk bouwjaar: 1905-1910
Grondgebruik:
Afmeting terrein:
Bronnen: [“J. Spoorenberg e.a., Drie Zaligheden, Eersel, Duizel, Steensel, Hapert 1989″,”Chr. Thijssen, Kleine historische gids van Eersel en zijn monumenten, Eersel 1996”]
Content: Historie en ligging:
Woonhuis, omstreeks 1905-1910 gebouwd en ca. 1930-1935 uitgebreid met een verdieping en een uitbouw aan de rechter achterzijde. Naar verluidt heeft hier de sigarenfabrikant H. Wintermans gewoond. Het oudste gedeelte (eerste bouwlaag) vertoont kenmerken van de neorenaissance, zoals de symmetrische opzet met ingangsrisaliet, rondbogen met gepleisterde aanzet- en sluitstenen, speklagen en vensteromlijstingen met vertanding. De soberder uitgevoerde uitbreiding uit de jaren dertig sluit aan op het oude gedeelte qua gevelindeling en venstervormen (rondboogvensters met geboorte- en sluitstenen in de ontlastingsbogen). Het pand is daarna een poos dubbel bewoond geweest.

Het vrijstaande pand bevindt zich in de kern van Eersel, en is gesitueerd op een groot en diep perceel aan de noordzijde van de Nieuwstraat. De Nieuwstraat is omstreeks 1850 aangelegd als Nieuwe Eindhovense Grindweg, werd in 1897 uitgebreid met een tramlijn en kreeg in het begin van de twintigste een verhard wegdek. Ruim gesitueerde villa’s en rijke dorpswoningen bepalen het oude bebouwingsbeeld.

Aan de achterzijde bevindt zich aansluitend op het pand een terras met lage bakstenen borstwering met uitgespaarde kruismotieven en geïntegreerde bloembakken. Direct achter het woonhuis staat een voormalig bakhuisje. In de tuin bevinden zich verder o.a. een houten tuinhuisje en enkele oude bomen waaronder een eik en een beuk.

Plattegrond en opbouw:
Woonhuis van twee bouwlagen en zolder op rechthoekig grondplan met een kleine uitbouw aan de rechter achterzijde. De bakstenen gevels zijn in kruisverband gemetseld. De uitgespaarde muuropeningen worden afgesloten door rondbogen met geboorte- en sluitstenen (voorgevel en rechter zijgevel), blinde segmentbogen en rollagen (linker zijgevel en achtergevel).

Het schilddak met de nokrichting evenwijdig aan de straat is belegd met gesmoorde kruispannen en watert af via een bakgoot op bewerkte klossen. De nokuiteinden worden gemarkeerd door bolpironnen. De uitbouw rechts achter heeft een aankapping met schildeind.

Voorgevel:
De symmetrisch ingedeelde gevel heeft een omvang van vijf vensterassen. De eerste bouwlaag wordt horizontaal geleed door een gecementeerde plint met bakstenen velden onder de vensters, een waterlijst in het verlengde van de kunststenen lekdorpels en speklagen. De middenrisaliet bezit een rondboogvormig afgesloten ingang, waarin een paneeldeur met twee kijkramen en smeedijzeren roosters, en een rondboogvormig afgesloten bovenlicht. De middenrisaliet wordt aan weerszijden geflankeerd door twee rondboogvensters met enkelruits onderramen en bovenlichten met glas-in-lood. De kozijnen zijn voorzien van vellingen. De onderramen hebben een omlijsting met vertanding. De sluitstenen in de rondbogen zijn eenvoudig geprofileerd. Ter hoogte van de verdiepingsvloer zijn zes smeedijzeren ankers aangebracht.

De gevelindeling van de later toegevoegde verdieping correspondeert met die van de eerste bouwlaag. De vijf rondboogvensters hebben enkelruits onderramen en bovenlichten met glas-in-lood. De lekdorpels zijn uitgevoerd in geglazuurde tegelstenen met dito hoekblokjes. De geboorte- en sluitstenen in de rondbogen zijn uitgevoerd in zandsteen.

Linker zijgevel:
Deze gevel bezit ongeveer in het midden van de eerste bouwlaag een venster met een enkelruits onderraam en een bovenlicht met glas-in-lood, afgesloten door een blinde segmentboog. Het kozijn is voorzien van vellingen. De verdieping telt één tweedelig kozijn met klapramen.

Rechter zijgevel:
De asymmetrisch ingedeelde gevel is in de jaren dertig geheel vernieuwd. De hoofdbouw bezit in de eerste bouwlaag een groot halfrond venster met glas-in-lood en een dubbele tuindeur onder halfrond bovenlicht met radiale roedenverdeling. In de tweede bouwlaag bevinden zich twee vensters van hetzelfde type als in de voorgevel. In de uitbouw rechts achter bevindt zich de hoofdingang van nummer 46: opgeklampte deur met kijkraampje onder halfrond bovenlicht met radiale roedenverdeling. Boven deze ingang bevindt zich in de tweede bouwlaag een rond venster met vierruits raam.

Achtergevel:
Deze onregelmatig ingedeelde gevel bezit rechts ter plaatse van de keuken een groot venster (vierruits stolpraam, driedelig bovenlicht) en een ingang met opgeklampte deur en tweedelig bovenlicht. De ingang in het verlengde van de gang is dichtgemetseld. Links hiervan is een tweede keuken uitgebouwd, waarin een kruiskozijn met enkelruits ramen en een ingang met bovenlicht. De tweede bouwlaag bezit een getoogd venster ter plaatse van het trappenhuis in de uitbouw, een dubbele balkondeur met bovenlichten boven de uitgebouwde keuken, een hoog vierdelig kozijn met glas-in-lood ter plaatse van het trappenhuis in de hoofdbouw en een rechthoekig venster met enkelruits draairaam en bovenlicht met glas-in-lood.

Interieur:
De oorspronkelijke indeling met centrale gang van voor- tot achtergevel en vertrekken (kamers en suite) aan weerszijden is op onderdelen gewijzigd door de uitbreiding uit de jaren dertig. De gang bezit een fraaie polychrome tegelvloer met gestileerde bloemmotieven en geometrische patronen. Voorst zijn diverse paneeldeuren met geprofileerde omlijstingen bewaard gebleven. Achterin de gang bevindt zich een houten bordestrap met geprofileerde handlijst. De keuken links achter bezit o.a. een hoekschouw, een granito-aanrecht en een terrazzovloer. De hal met trappenhuis in de uitbouw rechts achter heeft een parketvloer in visgraatpatroon.

Bijgebouwen:
Het bakhuisje (annex toilet, berging en washok) is vanuit een rechthoekig grondplan opgetrokken in kruisverband en wordt afgesloten door een zadeldak met gesmoorde Muldenpannen. De drie ingangen zijn voorzien van opgeklampte deuren van kraaldelen.

Het achtzijdige houten tuinhuisje heeft een plat dak, een dubbele paneeldeur met zes ruiten en twee zesruits stolpramen.

Nieuwstraat 44
Foto Winfried Thijssen (2003)

Waardering: Het object heeft architectuurhistorische waarde
– als goed en voor Eersel vrij zeldzaam voorbeeld in in- en exterieur van een aanzienlijk woonhuis uit ca. 1905-1910 (uitgebreid omstreeks 1930-1935), dat wordt gekenmerkt door de voor die tijd nog karakteristieke symmetrische opzet en gevelgeleding (middenrisaliet, speklagen);
– vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteiten, zoals de plaatselijk zeldzame detaillering in neorenaissance-stijl (rondbogen met geboorte- en sluitstenen, speklagen en vensteromlijstingen met vertanding) en het gevarieerde materiaalgebruik;
– vanwege de karakteristieke interieurindeling die nog herkenbaar is, en de bewaard gebleven onderdelen, zoals vloeren, paneeldeuren en trappen.
Het object heeft stedebouwkundige waarde
– als essentieel onderdeel van de ruim gesitueerde rijke bebouwing aan de Nieuwstraat, verbonden met de ontwikkeling van Eersel qua infrastructuur, uitbreiding van de bebouwde kom en de vestiging van notabelen.
Het object heeft cultuurhistorische waarde
– (vermoedelijk) als voormalige fabrikantenvilla van de sigarenfabrikant H. Wintermans, verbonden met deze in sociaal-economisch opzicht zo belangrijke nijverheid voor de gemeente Eersel gedurende de eerste helft van de twintigste eeuw, en welke thans nog voortleeft in de fabrieken van Agio (Duizel) en Wintermans (Eersel).

  • Twitter
  • Facebook
  • LinkedIn
  • email
  • PDF
  • Print